Ik vind catechetiseren echt gaaf! En moeilijk!

Gisteren gaf ik weer mijn wekelijkse drie uren. En alledrie waren ze – elk op een ander gebied – moeilijk.

De derde groep was inhoudelijk moeilijk. Probeer Johannes 17, 21 in combinatie met Genesis 1, 27 en het ongetrouwd blijven maar eens helder uit te leggen! Poe, wat zocht ik naar woorden.

De tweede groep is vooral groot (16 man!). Ik denk erover deze groep te splitsen. Het zijn stuk voor stuk toppertjes; echt leuke gasten. Maar bij elkaar in een klein steriel zaaltje is er geregeld sprake van een kippenhok.
Ik kon er gisteren wel om lachen.

De eerste les was de pittigste. We hebben daarin niets geleerd, alleen met elkaar gesproken. En gebeden.
Twee van de zeven mensen gaven aan niet in God te geloven. Ze spraken dat openlijk uit. Wat een vertrouwen en lef, denk ik dan. Die open sfeer hebben we toch maar mogen bereiken met elkaar. (Heb ik als catechisant zelf nooit gekend.)

We spraken daar als groep rustig en met veel stiltes over door. En na 35 minuten besloot ik te stoppen en met hen te bidden. Op aanraden van een van de jongens. Prachtig toch?

Ik kwam er (weer eens goed) achter dat geloof niet te geven is. Maar dat geloof een wonderlijk cadeau van God is (Efeze 2, 8).

Ik zie het als mijn taak als catecheet om er voor de twijfelaars te zijn. Hen te helpen. Naar hen te luisteren. Hun verborgen verlangens te zoeken en te vinden.

En toevallig, of niet… vanmorgen las ik het kleine briefje van Judas (staat vóór Openbaring). En ik lees daar een heel klein zinnetje dat ik net nodig had. Judas schrijft in vers 22.

“ONTFERM U OVER WIE TWIJFELEN.”

Dat zal ik zeker doen.

Reageer