Een vervolg op m’n blog van gisteren. Mij wordt namelijk wel eens verweten het zondebesef uit de kerk te willen weren. ‘David gaat alleen maar voor een halleluja-sfeer en gezelligheid’, wordt me dan gezegd. Ik kan me voorstellen dat mensen dit mij n.a.v. mijn blog van gisteren ook verwijten.

Laat ik duidelijk zijn: een christen die geen zondebesef heeft kan geen christen zijn. Hij begrijpt dan werkelijk niet waarom Jezus de aarde bezocht en zijn leven voor de mensheid opgaf.
Dat staat bijvoorbeeld duidelijk in Johannes 3, waar Jezus zijn komst naar de aarde meteen koppelt aan zijn kruisdood. “De Mensenzoon (dat is Jezus zelf) móet hoog verheven worden”, zegt hij in vers 14.
Bovendien ontdek ik in mijn eigen leven veel zonden en ben ik blij dat ik die voor God niet verborgen hoef te houden.

Maar waar het me om te doen is, is hoe je dit evangelie aan je hoorders bréngt. Wat is je insteek als je als predikant de wet voorleest en daaraan Jezus koppelt? Oftewel: wat is je hoordersbeeld?
Ik leer daar iets over van Gods Zoon zelf. Hij zegt als hij over zijn Vader spreekt:

Johannes 3, 17-18 “God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gestuurd om een oordeel over haar te vellen, maar om de wereld door hem te redden. Over wie in hem gelooft wordt geen oordeel uitgesproken, maar wie niet in hem gelooft is al veroordeeld, omdat hij niet wilde geloven in de naam van Gods enige Zoon.”

Als je voor een rechtbank moet verschijnen, weet je het wel. Er komt een oordeel aan. Maar Jezus zegt: God stuurt Jezus niet om een oordeel te vellen. Terwijl ik dat van een rechter-God juist wél zou verwachten!

God komt redden. Dat is de insteek van God. Niet oordelen, maar redden. En ik vind dat dat de insteek van Gods wet moet zijn. Ook als je hem in je gebed toepast. Niet primair overgaan op oordeel (we hebben gezondigd, we zijn weer slecht geweest), maar primair danken voor Gods verrassende manier van doen, zijn verbazingwekkend geheim, zijn ondoorgrondelijke liefde voor mensen.

En waarom? Omdat er ’s zondags christenen in de kerk komen, géén lamzakkige ongelovigen. Ik weiger dat primair te zijn. Niet omdat ik zo goed ben, maar omdat ik van Christus ben en me dat ook láát zijn.

Ik ben van mening dat gereformeerde predikanten er voor moeten waken die status-quo-cultuur in stand te houden. Want ik ben echt bang dat veel gereformeerde mensen deze cultuur al lang en breed geaccepteerd hebben. ‘We zijn slecht en daar moeten we elke zondag op gewezen worden.’ Nou, daar geloof ik dus niets van en het verklaart mijns inziens de vaak ingekakte cultuur binnen de gereformeerde kerken. We schieten geen meter op in onze heiliging, doordat de genade en Gods Geest – en dus ook God zelf – op deze manier beperkt worden tot (m.i. oppervlakkig) zondebesef en vergeving van zonden. En dat neem ik veel predikanten kwalijk. Alsof er alleen te preken valt als er ongelovige, tekortschietende christenen voor je neus zitten.

Als predikant zou mijn hoordersbeeld zijn dat we elkaar elke zondag als christenen in een dienst ontmoeten. Net als mijn Vader zal ik de gemeente wijzen op Gods liefdevolle zending van onze Heer Jezus. Waarom? Omdat het heerlijk is om te weten dat er over ons geen oordeel wordt uitgesproken. Man, dat betekent nu al dat ik aan het eeuwige leven ben begonnen en dat ik dankzij God op de goede weg ben. En hij geeft me daarbij drie letterlijk bovenaardse hulpmiddelen: zijn wet, zijn Zoon en zijn Geest.

Ik geloof dat op deze wijze de zonde ook anders en beter aan het licht komt. Hypocriete mensen in de kerk zullen ontdekken dat mensen om hen heen écht geloven. Ze zúllen vanbinnen onrustig worden als ze merken dat Gods redding voor hun medemensen leeft en echt is.
En dat gebeurt niet als je na de wet maar blijft verkondigen dat iedereen slecht is en vergeving nodig heeft. Het is niet onwaar, maar het is ook een gereformeerde waarheid die geen scheiding aanbrengt. Iederéén is het daar namelijk mee eens, al ben je het misschien alleen maar gewénd om het daarmee eens te zijn. Als het je zo vaak gezegd wordt…

Om over geestelijke groei nog maar te zwijgen.

Reageer