[Voor Michiel enzo]
Als je als Nederlander het evangelie van God wil begrijpen, moet je eens proberen tot je door te laten dringen wat Filippus en de Ethiopïer mee hebben gemaakt.
Het verhaal staat in Handelingen 8, 26-40. Filippus vertelt het evangelie van Jezus aan een Ethiopiër en deze laat zich vervolgens dopen in de naam van die Heer.
In ‘de Ark’ werd deze geloofsdoop gisteren tegenover de kinderdoop geplaatst. De oudste sprak iets van deze strekking: “Zie je wel: de Ethiopiër komt éérst tot geloof, en dan pas laat hij zich dopen. Een doop op grond van het geloof van de ouders [de kinderdoop] is dus ongegrond. God verwacht duidelijk eerst geloof. Dat leren we uit Handelingen 8.”
Ik ben dat helemaal met hem eens! Alleen als je tot geloof in Jezus komt kun je je laten dopen. Maar – en nu komt het – tegen wie praatte deze oudste gisteren? Tegen christenen natuurlijk (uitgezonderd de volgens mij drie dopelingen die Jezus nog niet uit hun jeugd kenden en niet als kind gedoopt waren).
En wat had Filippus tegenover zich? Een niet-christen, een in God geïnteresseerde man uit Verweggistan.
En dat maakt nogal een verschil. Ook ik zeg tegen niet-christenen: “Hé vriend, eerst geloven, dan pas word je gedoopt.”
Maar anders wordt het als je als christelijke ouders een kind krijgt. Want dan denk ik aan God zelf. Die liet al in het Oude Testament brabbelende kinderen van een dag of 8 besnijden. En daar deed nog geen behoudende Farizeeër moeilijk over. En die lijn mag de christenheid met een gerust hart doortrekken, al mocht het symbool door Jezus’ komst veranderd worden.
God is door de komst van Jezus niet opeens anders tegen kinderen en hun gelovige ouders aan gaan kijken. Tenminste, dát maak ik niet uit de bijbel op.
Deze Ethiopiër heeft natuurlijk geen christelijke ouders gehad. Die konden Jezus niet eens kennen (evenmin als de man zelf, gezien zijn vraag aan Filippus). Zij en hij leefden duizenden kilometers buiten Israël. Deze neger zal de eerste christen in zijn familie zijn. En als hij zijn bijbel is blijven lezen en God nog beter heeft leren kennen, dan zou het me niet verbaasd hebben als hij zijn kinderen zou hebben laten dopen. Maar ja, hij was een eunuch. Dus ik vrees dat hij geen (o)pa geworden is.
Daarom heeft het geen zin om op grond van Handelingen 8 de geloofsdoop naast de kinderdoop te zetten. Over dat laatste gaat het hier gewoon niet.
[Overigens gaat het in het hele NT niet over de kinderdoop. Ik vind dan ook dat gereformeerden niet óók met allerlei NT-teksten moeten komen aanzetten, want die zijn steeds voor meerdere uitleg vatbaar of blijven gewoonweg te vaag. Wil je mensen hiervan overtuigen dan moet je de grotere verbanden zien en de historische lijnen in de bijbel uittekenen.
Eén zo'n groter verband is dit: het Nieuwe Testament - en juist dit boek Handelingen - speelt zich af op het zendingsveld. Dus niet binnen de kerkmuren, waarbinnen de kinderdoop wél plaatsvindt. Daarom is er in Handelingen natuurlijk steeds sprake van geloofsdopen. De heidenen die we daar tegenkomen hebben geen christelijke ouders. Die kennen Jezus dus niet, ze gaan hem léren kennen.]
Wat is dan wel het evangelie van Handelingen 8? Dat heeft te maken met God zelf. Want hier en ook verder in het boek gebeurt wat God voorzegd heeft. Namelijk dat hij de God van de héle wereld is. Dat hij iedereen wil redden.
En dat zie je al met Pinksteren in Handelingen 2. Gods Geest spreekt en iedereen hoort het in zijn eigen taal en dialect. God spreekt niet meer alleen in het Hebreeuws. Kortom: Israël is zijn eeuwenoude monopoliepositie nu definitief kwijt (tot ergernis van de Joodse leiders natuurlijk; ook dat kom je telkens tegen in dit boek).
In Handelingen 8 zie je Filippus, een Griekstalige naam. En je ontmoet een Ethiopiër. En beide buitenlandse mannen dienen zomaar dezelfde ‘Joodse’ God. Hier zie je dus dat God doet wat hij al in Jesaja 56 belooft. Lees het maar na. Eindelijk kunnen álle volken door Jezus delen in Gods reddingsplan.
Handelingen eindigt dan ook typisch; het heeft een open eind. Want het evangelie is verder gegaan. Ook na Paulus. Het trok naar het westen en kwam via Ierland in Nederland, ook bij David Heek. En ook ik zal het doorvertellen.
En ik zal mijn kinderen laten dopen en ik zal ze laten kennismaken met de God die de doop bedacht heeft, zodat ik niet in de gereformeerde valkuil van het verbondsautomatisme trap. Zo hoop ik hun (en mijn) doop met en voor hen te verdiepen.
Ik plaats de kinderdoop inhoudelijk gezien niet tegenover de geloofsdoop (want beide dopen gebeuren op grond van geloof en een relatie met God). Ik maak wel een verschil tussen de verschillende settingen, namelijk die van een christelijk gezin en die van een niet-christelijke leefwereld. Dat is m.i. een zeer oud bijbels gegeven, omdat God ook onderscheid maakte tussen een gelovig Joods gezin en heidense vreemdelingen.
Reageer
Reacties
Even een aanvulling, want anders denk je misschien dat ik me er gemakkelijk van af doe
Maar anders wordt het als je als christelijke ouders een kind krijgt. Want dan denk ik aan God zelf. Die liet al in het Oude Testament brabbelende kinderen van een dag of 8 besnijden. En daar deed nog geen behoudende Farizeeër moeilijk over. En die lijn mag de christenheid met een gerust hart doortrekken, al mocht het symbool door Jezus’ komst veranderd worden.
God is door de komst van Jezus niet opeens anders tegen kinderen en hun ouders aan gaan kijken. Tenminste, dat maak ik niet uit de bijbel op.
Jezus kijkt niet anders tegen kinderen en ouders aan, maar wel tegen het verbond denk ik. 1 Kor 11,25 noemt het avondmaal het teken van het nieuwe verbond. Dus niet langer besnijdenis (of doop). Het verbond wordt gesloten op basis van Jezus’ bloed.
Daarnaast zegt 1 Kor 7,14 volgens mij dat kinderen geheiligd zijn in het geloof van hun ouder(s). Dus niet op basis van besnijdenis (of doop).
En als laatste zegt volgens mij het hele NT dat je gered bent op basis van je erkennen van Jezus als je verlosser, redder en Heer. Je doop is een teken van je verbondenheid met Hem en Zijn sterven. Altans, dat geloof ik…
Heel kort Michiel.
1. Je hebt gelijk, de inhoud van de doop en de inhoud van het avondmaal hebben dan ook alles met elkaar te maken. Omdat gereformeerden de doop en de belijdenis jaren uit elkaar trekken lijkt dat soms niet het geval.
Ik ben dan ook voor een vervroeging van het toelaten van kinderen aan het avondmaal (alcoholische leeftijd).
Het avondmaalsritueel moet je dan ook niet tegenover de doop plaatsen, maar elkaar laten aanvullen lijkt me.
2. 1 Kor. 7 gaat niet over besnijdenis of doop en die discussie. Het gaat over de vraag hoe je tegen kinderen aan moet kijken als een van de ouders ongelovig is. In de gemeente van Korinte was namelijk verdeeldheid over de vraag of je als pasbekeerd christen wel getrouwd mocht blijven met je ongelovige man of vrouw. De status van de kinderen was daar een vervolg vraag bij (1 Kor. 7 10-14). Ik leer hier hoe goed God via Paulus met deze bijzondere situaties omgaat.
3. Klopt! Dat is zowel de inhoud van de kinder- als de inhoud van de geloofsdoop.
Ik zou eerder de leeftijd voor dopen verlaten, dan de leeftijd voor avondmaal vervroegen
En ik wilde het avondmaal niet tegenover de doop plaatsen. Integendeel. De doop is een afbeelding van je sterven met Christus, het avondmaal herinnert je aan het sterven van Christus.
Ik denk dat 1 kor. 7 ook iets te zeggen heeft over de discussie wat er gebeurd met kinderen die sterven. Heeft het gedoopt zijn dan iets van betekenis, of niet…
Aha, op die manier… mmm. Ik kan je uitleg/opmerkingen wel volgen.
Maar eerlijk gezegd vind ik jou ook kort door de bocht in het doortrekken van de lijn van besnijdenis uit het OT. Maar goed, laten we geen discussie starten over de doop. Die zijn vaak eindeloos en onzinnig. Soms moet je als familie elkaars standpunten gewoon accepteren