Vandaag las ik een brief van C.S. Lewis – deze auteur moet je lezen, of je nu christen bent of niet! – waarvan de inhoud mij lange tijd aan het denken gezet heeft. Ik dacht na over mijn toekomst, eventueel als fulltime predikant.
In die brief beschouwt Lewis het als een risico als je van geestelijke dingen je dagelijks werk maakt! Want, zo schrijft hij, het risico is dan dat je je geluk en vreugde vindt in wat je als geestelijke bereikt of bereiken moet.
Oftewel: niet God is dan je vreugde, maar het al dan niet succesvolle werk waarvoor je betaald wordt.
Lewis schrijft dat hij blij is dat hij nooit van de theologie heeft moeten leven. Het heeft iets wrangs als je je geld met het (verkondigen van het) evangelie moet verdienen.
Eerlijk gezegd moet ik daar ook niet aan denken. Het liefst zou ik in de week m’n geld willen verdienen met wat voor werk dan ook.
En dan ’s avonds geestelijk werk in de gemeente doen en ’s zondags voorgaan. Geheel vrijwillig, onbetaald. Gewoon, omdat ik van Jezus en zijn evangelie houd. Volgens mij blijf ik dan als ‘predikant’ ontzettend gedreven.
Ik moet er trouwens ook niet aan denken om achter mijn preekvergoeding(en) aan te moeten zitten en bellen.
Die scheiding tussen een normale baan en het verkondigen van Gods machtig evangelie zie ik wel zitten.
Enne…deed Paulus ook al niet zoiets toen hij kennis maakte met twee christenen uit Italië?
Handelingen 18, 2b-4 Paulus bracht hun een bezoek, en omdat ze hetzelfde ambacht uitoefenden als hij – ze waren leerbewerker van beroep – trok hij bij hen in en ging bij hen werken.
Elke sabbat sprak Paulus in de synagoge en trachtte hij Joden en Grieken te overtuigen.
PS. Het salaris van een predikant ligt voor zover ik weet op enkele tienduizenden euro’s per jaar. Ik kan me goed voorstellen dat zo’n groot salaris je langzaam maar zeker van de vreugde in God zelf wegblaast.
Eerlijk gezegd heb ik bij erg veel predikanten het vermoeden dat zij eerder voor het geld (tweemaal per zondag) preken dan dat zij in hun hart gegrepen zijn door het evangelie van Jezus Christus. Het valt me dan bijvoorbeeld op dat er werkelijk geen greintje enthousiasme bij hen is waar te nemen. Dat ze kortgezegd gewoon hun ‘ding’ doen.
Ik denk dat Lewis dit risico goed onder ogen gezien en het helder beschreven heeft.
Hoi David,
Even praktisch:
Volgens mij was Paulus niet getrouwd en had hij ook geen kinderen.
Als je overdag gewoon werkt en de geestelijke zaken in de avonduren, hou je dat echt niet vol tot na je 40e.
Je gezin verdient daarbij ook de nodige aandacht.
Als je dan toch een salaris krijgt van je toekomstige gemeente, zie het dan als een stukje voorzienigheid en zegen uit Gods hand.
Hoewel, de gedachte die je hier tot uitdrukking brengt spreekt me wel aan hoor!