Stel, je gaat met z´n tweeën op vakantie naar Griekenland. Maar omdat jij thuis nog wat werk te doen hebt, laat je je vriend al vast zonder jou gaan. Je spreekt af dat je elkaar een week later op het vliegveld in Athene ontmoet.
Dan weet ik nu al dat ik gerust in het vliegtuig zit. Ik hoef me geen zorgen te maken over de chaos op de Griekse luchthaven, of dat ik misschien zal verdwalen. Want ik word door m’n vriend, die de situatie kent, opgewacht.
Zo zit het met het christelijk geloof ook. Want ik kan me voorstellen dat je er als christen nog wel ’s aan twijfelt. ‘Kom ik wel in de hemel?’ En: ‘Hoe weet ik dat nu zeker?’
Het is trouwens niet alleen een christelijke vraag. Ook moslims kunnen met deze vraag in hun maag zitten. ‘Hoe weet ik zeker dat Allah mij in het paradijs toelaat?’
Christenen hebben een vriend. Zijn naam is Jezus Christus en ze noemen hem ‘het geheim van God’. Want hij is God, maar dan in een menselijk lichaam. We snappen het niet, maar we moeten het wel concluderen op grond van wat hij gedaan en gezegd heeft.
En die Jezus is gedood, maar uit de dood wakker gemaakt. Daarna is hij naar de hemel opgestegen. En dat laatste is nu precies waar het nu om gaat.
Jezus is de eerste volmaakte mens die naar ‘Griekenland’, de hemel, is gegaan. Waarom? Om aan God te laten zien dat het toch mogelijk is om als mens voor hem te bestaan. Jezus is de eerste mens die zich zonder schroom aan God, zijn Vader, presenteerde. En hij werd geaccepteerd.
En laat die Jezus nu gek op mij zijn. En hij mijn vriend zijn. Ik kan er dus vanuit gaan dat hij mij staat op te wachten! En dat hij mij bij zijn Vader brengt – even dromen nu: dichtbij mijn schepper, de eeuwig levende HEER over hemel en aarde! – en dat ik dan door die God totaal geaccepteerd word.
Door en met Jezus heb ik dan geen enkele schroom.
Het geheim samengevat:
Door Jezus ga ik zeker naar God. Niet onzeker.
En door Jezus ga ik zeker weten naar God. Niet op goed geluk.
Alle eer aan hem!
Hebreeën 10, 19-20 Broeders en zusters, dankzij het bloed van Jezus kunnen we zonder schroom binnengaan in het heiligdom, omdat hij voor ons met zijn lichaam een weg naar een nieuw leven gebaand heeft, door het voorhangsel heen.
PS. Ik heb met moslims te doen. De zekerheidsvraag moet namelijk aan hen blijven knagen. Ze weten nooit zeker of Allah hen tot het paradijs zal toelaten; het hangt op je sterfdag van zijn humeur, zijn ‘genade’ af.
Vandaar dat moslims wel naar zichzelf moeten kijken. “Als ik kan zeggen dat ik goed heb geleefd, zal Allah mij wel toelaten.” (Opvallend genoeg denken veel ‘christenen’ ook nog op deze wijze; het zal wel iets typisch menselijks zijn om de hemel zelf te willen verdienen.)
Maar dit gedachtegoed is natuurlijk de omgekeerde wereld, omdat ze Allah op deze manier van zijn troon stoten. Ze spannen Allah zo achter hun (zelf opgesmukte) karretje.
[Met grote dank aan mijn vriend voor het leven, ook vriend in het geloof, die me op deze heerlijk bevrijdende en troostvolle tekst wees. Wanneer gaan wij 's samen op vakantie, Teun?]
Als ik die vraag aan een (gereformeerde) kerkganger zou stellen, blijft het denk ik stil.
Op de site van Voetbal International mocht je een onderschrift insturen bij een foto die ze op de site geplaatst hadden. Het leukste onderschrift werd beloond met twee tickets voor zaterdagavond.