… dan is het einde daar!
Of niet dan? Geen christen moet er aan denken dat Jezus zijn koningschap opgeeft! Dat hij zou besluiten: “En nu heb ik er genoeg van. Ze zoeken het maar uit, daar beneden!”
Ik moet er niet aan denken dat de goddelijke man aan wie alle macht van de wereld en zelfs nog meer is gegeven (Matteüs 28, 18), ophoudt mijn koning te zijn. Dan is het einde daar.
En toen hoorde ik van de volgende zinnen uit de brief van Paulus aan de gemeente vol krenten (Korintiërs). En vanmorgen zocht ik die zinnen ’s op:
1 Korintiërs 15, 22-25 22 Zoals wij door Adam allen sterven, zo zullen wij door Christus allen levend worden gemaakt. 23 Maar ieder op de voor hem bepaalde tijd: Christus als eerste en daarna, wanneer hij komt, zij die hem toebehoren. 24 En dan komt het einde en draagt hij het koningschap over aan God, de Vader, nadat hij alle heerschappij en elke macht en kracht vernietigd heeft. 25 Want hij moet koning zijn totdat ‘God alle vijanden aan zijn voeten heeft gelegd’.
Jezus houdt dus ooit wèl op koning te zijn. ‘Hij draagt het koningschap over aan zijn Vader’, schrijft Paulus. En ik maar denken dat Jezus voor altijd koning blijft. Niet dus.
Hoe zit dat?
Ik denk dat ons beeld van een koning gevormd wordt door ons wereldbeeld. En dat beeld wordt ook zichtbaar in de Bijbel die midden in deze wereld is geschreven. Een koning is iemand die regeert over zijn vijanden. Over machten die eropuit zijn om zijn koninkrijk omver te werpen.
Al de koningen in de Bijbel vochten zich een ongeluk tegen omringende landen, en zelfs tegen eigen volksgenoten.
Behalve één. En dat was Salomo. Die regeerde á la zijn naam, namelijk in vrede. Salomo hoefde, door toedoen van zijn God, zijn koninkrijk niet te beschermen tegen de kwade bedoelingen van zijn opponenten.
Was Salomo daar minder koning door? Absoluut niet, Salomo was een koning zoals God die bedoeld heeft.
Terug naar Jezus, de Zoon van God. Hij heeft van zijn Vader de opdracht gekregen om alle vijanden die deze in zonde gevallen wereld kent, compleet te vernietigen. Tot de grootste vijand, die geen mens kan verslaan, toe: de dood. (Pasen, de opwekking van Jezus uit die dood, is daarvan het bewijs.)
En nu regeert deze Jezus bij zijn Vader over deze nog steeds gevallen wereld.
Maar ooit – wanneer het einde daar is (Vers 24a) – zorgt Jezus, de koning, ervoor dat alle vijanden definitief verslagen worden. Geen satan meer, geen overlijden meer, geen dodelijke ziektes meer. Dus dat betekent automatisch dat Jezus geen koning meer in wereldse zin hoeft te zijn. Dan ontslaat hij zichzelf uit zijn functie; hij is er klaar mee. En dan zegt hij tegen zijn Vader: “Vader, alstublieft, hierbij krijgt u het koningschap terug!”
En dan zal er geregeerd worden zoals God dat vanaf het begin bedoeld heeft. Zoals Adam en Eva ooit (zonder strijd en oorlog en vijanden) over de aarde mochten regeren. Dan is God koning á la Psalm 72 (een lied van/over Salomo!), maar dan zonder die regels die over vijanden en bijbehorende overwinningen gaan.
Dan gaat het over deze zinnen uit die heerlijke psalm:
5 Moge hij [de koning: Salomo: God zelf] leven zolang de zon bestaat,
zolang de maan zal schijnen,
van geslacht op geslacht.
6 Moge hij zijn als regen die valt op kale akkers,
als buien die de aarde doordrenken.
7 Moge in zijn dagen de rechtvaardige bloeien,
de vrede wereldwijd zijn tot de maan niet meer bestaat.
8 Moge hij heersen van zee tot zee,
van de Grote Rivier tot de einden der aarde.
9 Laten de woestijnbewoners voor hem buigen,
zijn vijanden het stof van zijn voeten likken.
10 De koningen van Tarsis en de kustlanden,
laten zij hem een geschenk brengen.
De koningen van Seba en Saba,
laten ook zij hem schatting afdragen.
11 Laten alle koningen zich neerwerpen voor hem,
alle volken hem dienstbaar zijn.
16 Er zal overvloed van koren zijn in het land,
zelfs op de toppen van de bergen.
Rijpe aren zullen golven als de bossen van de Libanon.
Vanuit zijn stad zal voorspoed ontluiken
als jong groen op de aarde.
17 Zijn naam zal eeuwig bestaan, zijn naam
zal voortleven zolang de zon zal schijnen.
Men zal wensen gezegend te worden als hij,
en alle volken prijzen hem gelukkig.
18 Geprezen zij God, de HEER,
de God van Israël.
Hij doet wonderen, hij alleen.
19 Geprezen zij zijn luisterrijke naam, voor eeuwig.
Moge zijn luister heel de aarde vervullen.
Amen, amen!
Wanneer Jezus niet meer koning is… dan is het einde daar!!!