Opwekking 392 vind ik een prachtig lied.
Helaas wordt-ie door sommige mensen als ‘onschriftuurlijk’ (dat wil zeggen: niet in lijn met de Bijbel) bestempeld.
Hoewel ik me natuurlijk niet genoodzaakt voel om het tegendeel te bewijzen, leek het me leuk om het lied ’s naast de Bijbel te leggen. Ik noteer voor het overzicht steeds één Bijbeltekst, vaak zijn er talloze andere Bijkbelplaatsen aan te wijzen.
Hopelijk is deze blog voor heel veel andere christenen niet noodzakelijk, maar genieten ze er ondertussen wel van.
En hopelijk wordt hierdoor ook onmiddellijk duidelijk waarom ik het zo’n prachtig lied vind.
Opwekking 392: Mijn Jezus, ik hou van u
Mijn Jezus, ik hou van u, [Johannes 21, 16]
ik noem u mijn vriend. [Johannes 11, 11]
Want u nam de straf op u
die ik had verdiend. [Romeinen 7, 21-25]
De grote verlosser, [Matteüs 1, 21]
mijn redder bent u; [Jesaja 12, 2]
‘k Heb van u gehouden,
maar nooit zoveel als nu. [Efeziërs 3, 18-19: christenen zullen steeds meer van Jezus Christus houden, omdat ze hem - en met hem zijn en hun Vader - steeds beter zullen leren kennen]
Mijn Jezus, ik hou van u,
want u hield van mij. [1 Johannes 4, 19]
Toen u aan het kruis hing,
een wond in uw zij. [Johannes 19, 34]
Voor mij de genade, [Hebreeën 2, 9a]
een doornenkroon voor u; [Hebreeën 2, 9b]
‘k Heb van u gehouden,
maar nooit zoveel als nu.
Ik zal van u houden
in leven en dood. [Romeinen 8, 38-39]
En ik wil u prijzen,
zelfs dan in mijn nood. [Romeinen 8, 36-37]
Als ik kom te sterven,
dan roep ik tot u: [Filippenzen 1, 23]
‘k Heb van u gehouden,
maar nooit zoveel als nu.
Als ik in uw glorie, [Psalm 104, 1]
uw eeuwigheid kom, [Openbaring 22, 14]
dan buig ik mij vóór u, [Filippenzen 2, 9-11]
in uw heiligdom. [Openbaring 21, 22]
Gekroond met uw heerlijkheid, [2 Korintiërs 3, 18]
zal ‘k zingen voor u: [Openbaring 15, 1-4 (of misschien wel 14, 3!)]
‘k Heb van u gehouden,
maar nooit zoveel als nu. [In combinatie met Efeziërs 3, 18-19: 1 Johannes 4, 16]
TE IK-GERICHT?
Vaak zeggen critici óók dat de Opwekkingsliederen teveel ik-gericht zijn. Daardoor komt de aandacht voor Gods persoon dan te vervallen. En dat is fout.
Maar de vraag is dan of deze critici de psalmen net zo kritisch lezen en zingen. Zouden deze mensen bijvoorbeeld Psalm 16 uit hun mond kunnen krijgen? Want daar wordt – nog vaker dan in Opwekkingslied 392 – het woordje ‘ik’ en ‘mij(n)’ gezegd. In élk vers!
Dat zou wat zijn, zeg. Dat Psalm 16 als onschriftuurlijk bestempeld wordt…
Reageer
Reacties
Hoi Dick,
wat je schrijft, herken ik zelf ook.
Ik herken dat trouwens ook in de psalmen. Welke christen kan bijvoorbeeld de laatste twee verzen van Psalm 78 áltijd vol overgave zingen?
25 Wie buiten u heb ik in de hemel?
Naast u wens ik geen ander op aarde.
26 Al bezwijkt mijn hart en vergaat mijn lichaam,
de rots van mijn bestaan, al wat ik heb,
is God, nu en altijd.
27 Wie ver van u blijven, komen om,
wie u ontrouw zijn, verdelgt u.
28 Bij God te zijn is mijn enig verlangen,
mijn toevlucht vind ik bij God, de HEER.
Van al uw daden zal ik verhalen.
Of wat denk je van de misschien wel bekende regel uit Psalm 63: ‘Uw blijvende liefde is beter dan het leven’? (Die we veel te vaak zingen, te weinig christenen menen wat ze zingen, denk ik dan.)
Soms houd ik lekker mijn mond. En luister ik naar andere stemmen. (Met een beetje geluk zit er iemand bij me in de buurt die mooi kan zingen).
Die (stille) ruimte moet er in een christelijke gemeente zijn, vind je niet?
David
Nee, dat vind ik niet.
Iedereen heeft natuurlijk alle vrijheid om wel of niet mee te zingen. Maar als je bij elke regel van een lied een gewetensonderzoek moet doen, ben je uiteindelijk lekker met jezelf bezig. Dat is pas ik-gerichtheid!
Meezingen is een vorm van geloof belijden. De arme mag zingen hoe rijk hij is, de verdrietige hoe blij zij is, de zondaren hoe vrij wij zijn. Daarmee druk je de vaste wil uit om zo te worden als je zingt – al ben je arm, voel je rot en word je door schaamte en berouw overmand.
Marc
Beste Marc,
oei, dat vind ik een wat harde opstelling van je. Ik zal dat proberen te verduidelijken.
Stel je ’s voor dat je broe(de)r een dochter heeft die besloten heeft niet meer met God te willenl leven. En je zingt in de kerk Psalm 73, couplet 12.
‘Wie ver van u geweken is
komt eenmaal om in duisternis.
Hem zal in ‘t oordeel niets meer baten
die trouweloos uw dienst verlaten.’
En je ziet dat je broer dit niet uit z’n keel krijgt.
Stap jij dan op hem af om hem te zeggen dat hij te ik-gericht bezig is, en dus zijn geloof met de gemeente heeft mee te belijden?
Ik kan me daarom ook goed voorstellen dat Opwekking 392 soms niet uit je keel te krijgen is.
Dat bedoelde ik met die ruimte die we elkaar hebben te gunnen.
Let wel: als je niet meezingt wil dat niet zeggen dat je het niet met de tekst eens bent.
PS. Natuurlijk moeten we niet elke zin gaan wegen in ons geweten. Maar in de praktijk gebeurt dat denk ik niet. Vaak heb je aan een liednummer al genoeg om te weten of je die mee kunt zingen.
David,
Akkoord met je antwoord.
Niettemin blijf ik erbij – reagerend op je oorspronkelijke blog – dat het niet hypocriet hoeft te zijn om over vreugde te zingen in een moment van verdriet of over je liefde voor de Heer als de thee de afgelopen week eerder slap was. Niet mijn gevoel van het moment, zelfs niet de feitelijke waarheid over mijn geestelijke toestand zijn hier doorslaggevend, maar mijn geloof en de vaste wil om meer op Jezus te gaan gelijken.
Maar inderdaad, alle respect voor wie temidden van een jubelende gemeente een zakdoek bovenhaalt.
Marc
Met de laatste zin uit de eerste 3 coupletten, “‘k Heb van u gehouden, maar nooit zoveel als nu.” heb ik bij tijd en wijlen toch wel moeite hoor.
Stel je voor dat een predikant dit lied tijdens de dienst laat zingen. Ik zing dan natuurlijk wel mee, maar er zijn echt wel eens momenten dat ik onder het zingen denk dat ik in het verleden wel eens veel meer van Jezus heb gehouden dan op dat ene moment het geval is.
En dan voelt het ineens hypocriet om te zingen.
In dat opzicht wordt het wat mij betreft een iets te persoonlijke keuze van de predikant, die toen hij het lied uitkoos wel meer liefde dan ooit voor Jezus voelde.
Overigens vind ik diezelfde zin in het laatste couplet weer wel prachtig passend in de context.
Groet,
Dick