Het is mijn geluk dat Jezus als geen ander weet hoe je met de Bijbel dient om te springen. Want de satan weet er op zijn manier ook wel raad mee, veel nepchristenen evenals allerlei soorten sektarische groeperingen kunnen met alle gemak allerlei teksten naar hun hand zetten.
Maar Jezus en zij die hem volgden en vol van hem waren/werden, zijn de leraren die ik serieus neem.

Ik loop geregeld vast in het Oude Testament. En een van de eerste dingen die ik dan doe is nagaan of die tekst in het Nieuwe Testament wordt aangehaald. En dan kom ik tot de meest verrassende ontdekkingen. Heerlijke eye-openers.

Vandaag las ik het eerste stukje uit Jesaja 61. Ik wist al, door mijn afstudeerscriptie, dat Jezus dit gedeelte aanhaalde in zijn thuiskerk, de synagoge van Nazaret (Lucas 4). Daar leest Jezus Jesaja 61, 1-2a voor om dat Bijbelgedeelte vervolgens doodleuk op zichzelf toe te passen.

Jesaja 61, 1-2a

‘De Geest van de Heer rust op mij,
want hij heeft mij gezalfd.
Om aan armen het goede nieuws te brengen
heeft hij mij gezonden,
om aan gevangenen hun vrijlating bekend te maken
en aan blinden het herstel van hun zicht,
om onderdrukten hun vrijheid te geven,
om een genadejaar van de Heer uit te roepen.’

Dit citaat is volgens mij niet alleen heel bewust door Jezus uitgekozen, maar ook zeer bewust geëindigd.
Ik schreef zo-even dat Jezus tot vers 2a voorlas. De zin die daarna komt bewust niet!

Jesaja 61, 2b

‘…en een dag van wraak voor onze God [uit te roepen]‘

Waarom stopt Jezus bij het zinsdeel ‘om een genadejaar van de Heer uit te roepen’? Omdat Jezus daarvoor zijn nabijheid bij God heeft opgegeven. Of, om een uitspraak van Jezus zelf aan te halen, om duidelijk te maken dat hij niet gekomen is om de wereld te oordelen, maar haar te redden.

Ruim 2000 jaar geleden is de wraak van God niet over de mensheid losgebarsten. Integendeel, Gods liefde kwam in de persoon van zijn Zoon op aarde. Om mensen naar zijn koninkrijk te trekken, om mensen aan hem te laten spiegelen zodat zij zichzelf zouden leren kennen, om te ontdekken wat genade inhoudt, om zich te verwonderen om Jezus’ radicale en bewonderenswaardige woorden en niet te vergeten zijn uitzonderlijke, bovennatuurlijke daden, om God zelf te leren kennen en hem alle aanbidding te geven die hij verdient, om in te zien dat Jezus in onze plaats de wraak van God accepteerde en droeg.

Jezus sprak de dag van Gods wraak niet uit. Want die Bijbelse waarheid was niet voor zijn publiek in die synagoge bestemd, maar voor zichzelf.

Komt er dan helemaal geen wraak van God? Natuurlijk wel. Jesaja 61, 2b is geen leugen of afgedane zaak. Maar pas in tweede instantie is hij voor de mensheid bestemd.
Wanneer Jezus zich nogmaals zal laten zien, zal dit gepaard gaan met gebeurtenissen die op mondiaal, zelfs kosmisch niveau zullen plaatsvinden.
Maar zij die hun redding door Jezus liefhebben, op grond van zijn eerste komst, zullen daarvan niets meemaken. Voor hen wordt het genadejaar vanaf dat moment direct omgezet in ontelbaar veel genade-eeuwen.

Reageer