Archief van: ‘Handelingen 17’

Laat ik eerlijk en bescheiden zijn. Als ik in dit blog wil uitleggen waarom Jezus voor mij (en jou) moest sterven, dan schiet ik natuurlijk hopeloos tekort. Jezus’ dood (Golgota) gaat zo diep, daar kun je boeken mee vol schrijven. En dat is ook al gebeurd en zal ook blijven gebeuren.

Maar goed, met z’n allen kunnen we stukjes van het geheim in beeld krijgen. En dat vind ik leuk en inspirerend.

De vaak gestelde vraag is waarom God onze zonden niet gewoon vergeven heeft. Waarom heeft hij niet eenmalig verkondigd: “Hierbij verklaar ik publiekelijk dat het weer goed is tussen jou en mij. Ik vergeef je!”

Deze vraag heeft te maken met schuld, en vooral: 1. de grootte daarvan, 2. de emotionele kant daarvan, en 3. de partijen hierin.

Stel dat een puber van 15 besluit de banden van mijn fiets lek te prikken. Ik zie dat gebeuren, ik word natuurlijk kwaad en laat hem dat ook even goed weten.
Vraag: kan ik die jongen vergeven? Natuurlijk!
1. De grootte van de schuld die hij veroorzaakt heeft, is niet groot.
2. Emotioneel doet een band van rubber (en een fiets) me niet zoveel.
3. En zowel hij als ik zijn tot dit soort ‘geintjes’ in staat. Op die leeftijd haalde ik ook dat soort fratsen uit.

Dat is een onschuldig voorbeeld, zou je kunnen zeggen.

Lees meer »

Ik vind het belangrijk dat wij in onze kerkelijke gemeente leren toe te passen wat wij in preken horen. Dat is een van de redenen waarom wij m.i. de tweede dienst moeten afschaffen om zo de eerste (morgen)dienst – in groeigroepen o.i.d. – te kunnen voortzetten.

Nou, om de daad bij het woord te voegen heb ik een verwerkingsopdracht bij de preek van gisteren over Handelingen 17 bedacht. Die ziet er zo uit:

VERWERKING VAN HANDELINGEN 17,22-31

We hebben gistermiddag de Apostolische Geloofsbelijdenis gehoord. Die bestaat uit twaalf artikelen:

1. Ik geloof in God de Vader, de Almachtige, Schepper van hemel en aarde.
2. En in Jezus Christus, zijn eniggeboren Zoon, onze Here;
3. die ontvangen is van de Heilige Geest, geboren uit de maagd Maria;
4. die geleden heeft onder Pontius Pilatus, is gekruisigd, gestorven en begraven,
5. neergedaald in de hel; op de derde dag opgestaan uit de doden;
6. opgevaren naar de hemel, en zit aan de rechterhand van God, de almachtige Vader;
7. van daar zal Hij komen om te oordelen de levenden en de doden.
8. Ik geloof in de Heilige Geest.
9. Ik geloof een heilige, algemene, christelijke kerk, de gemeenschap van de heiligen;
10. vergeving van de zonden;
11. opstanding van het lichaam;
12. en een eeuwig leven.

Ik heb hieronder enkele – soms typisch Nederlandse – uitspraken opgeschreven. Welk(e) geloofsartikel(en) of zogenaamde heilsfeiten kun je gebruiken om mee te shockeren?

a. “De dood hoort nou eenmaal bij het leven.”
b. “Jezus is niet meer dan een heel bijzonder mens en leraar geweest.”
c. “Doe nu maar normaal, dan doe je al gek genoeg!”
d. “Waarheid is wat jij waar(heid) vindt.”
e. “Het evangelie is een verzonnen verhaal.”
f. “Het gaat erom hoe goed je in dit leven voor anderen bent geweest.”
g. “Het (christelijk) geloof deugt niet, want in de (christelijke) kerk is het vaak genoeg een bende.”
h. “God en Allah zijn dezelfde God.” (Zoek eens de overeenkomsten en de verschillen.)

Het was me het weekendje wel.

Twee keer gevoetbald – één keer verlies (2-9) en één keer winst (2-1).

Vervolgens hoorde ik dat een stukje van mijn weblog in de plaatselijke krant is gezet. Zonder mij daarover in te lichten. Ik dus kwaad (al doen ze formeel niets fout), omdat ik liever een anonieme Bunschoter blijf.
En ik houd mijn naam liever vrij van pagina 2 van de vrijdageditie, omdat die pagina veel weg heeft van een kerkelijk Privé, een ‘geestelijk’ RTL Boulevard. Deze pagina staat wekelijks vol smeuige details uit de plaatselijke kerkbladen. Dat daar niemand tegen optreedt, verbaast me. Al werd me gisteren verteld dat de drukker zowel de krant als het vrijgemaakte kerkblad drukt. Belangenverstrengeling dus.
Ik vind het maar een apart dorp, hoor.

En gistermiddag mocht ik weer preken. Dat doe ik liever ’s ochtends, maar het ging toch weer iets beter dan de vorige keer, vond ik. Rustiger. Maar het kan nog steeds beter. Gewoon ervaring opdoen, that’s it. Ik ben echt blij dat ik dit in mijn gemeente mag doen. En gemeenteleden waarderen het.

Natuurlijk mag je de preek over Handelingen 17 nalezen. Hij staat hieronder. ‘t Is heerlijk evangelie van de confronterende Heer. Als je hem kent, wil je niet meer zonder.

Daarom: niet voor hem knielen omdat dat mot, maar omdat je niet anders kunt.

Handelingen 17, 22-31 Preek 24022008.pdf

In mijn blog van gisteren heb ik duidelijk proberen te maken dat het belangrijk is om je cultuur te kennen. Welke overeenkomsten en welke verschillen komen aan het licht als je het christelijk geloof tegen die cultuur laat aanschuren?

Dat leer ik van Paulus. In Handelingen 17 staat hij voor Atheners die hem geweldig interessant vinden. Van hen mag Paulus gerust meedoen met ‘Het beste idee van Griekenland’.

Maar Paulus is niet van plan om zomaar een idee naast of aanvullend op alle andere gedachtespinsels te poneren. Hij pakt de Atheners hard aan. Hij beschuldigt de Atheners ervan het hele godendom dichtgetimmerd te hebben. Ze hebben zelfs een altaar voor de onbekende god gebouwd voor het geval ze een god vergeten mochten hebben. En dat zou toch jammer zijn…

“Dat wat jullie vereren” – proef het cynisme van Paulus: het woord vereren moet natuurlijk tussen aanhalingstekens staan – “dat kom ik jullie verkondigen.” Paulus maakt korte metten met dat heidens-religieuze gedoe.

De Atheners luisteren geboeid, maar als Paulus het over de opstanding heeft beginnen ze te steigeren.

Handelingen 17, 32 Toen ze hoorden van een opstanding van de doden dreven sommigen daar de spot mee, terwijl anderen zeiden: ‘Daarover moet u ons een andere keer nog maar eens vertellen.’

Vanwaar die onthutste reactie?

Dat heeft met de toen heersende idee over het leven na de dood te maken. Grieken dachten daar op platonische wijze over. Na de dood verliet je ziel je lichaam, dat ze als de kerker van de ziel beschouwden. Men had een negatief beeld over het lichaam, maar dacht groots over de ziel en de zielenwereld waarheen je na je dood emaneerde.

Paulus laat de Atheners met de opstanding van Jezus zien dat…

1. het lichaam er wel degelijk toe doet. Het zal de doodsgrenzen overstijgen.
2. het meergodendom daarmee op de schop kan. Het bewijs dat Jezus door één – onbekende – God uit de dood is opgewekt moet het hele Griekse denk- en leefsysteem doen instorten. De mens en zijn lichaam zijn belangrijk in de ogen van deze totaal andere God.
En dat is – tenminste, voor een paar Atheense mensen – een aantrekkelijk en erg bevrijdend evangelie. “Ik word helemáál geaccepteerd door de enige echte schépper-God!”

De vraag aan mij is: waar vallen Nederlanders over als ze in aanraking komen met dat christelijke geloof?

[Naar Handelingen 17, 22-34, waarin Paulus de Atheners toespreekt]

PAULUS IN AMSTERDAM

22 Paulus richtte zich tot de mensen op de Dam en zei: “Beste Nederlanders, ik heb gezien hoe slim en verlangend u in ieder opzicht bent. 23 Want toen ik in de stad rondliep en alles wat u doet nauwlettend in ogenschouw nam, ontdekte ik uw scherpzinnigheid voor bedragen en prijzen. Ik zag hoe winkeliers uw behoeften tegemoet kwamen met aanbiedingen, uitverkopen en prijsverlagingen en ik hoorde hoe uzelf op de markt op geraffineerde wijze op uw aankopen afdong om daarmee tevreden huiswaarts te keren.
Ik kom u verkondigen wat u gratis kunt krijgen.
24 De God die de wereld heeft gemaakt en alles wat er leeft, hij die over hemel en aarde heerst, heeft alles al wat hij nodig heeft. 25 Hij hoeft zich daarom ook niet te laten betalen alsof er nog iets is dat hij nodig heeft, hij die zelf aan iedereen leven en adem en al het andere schenkt. 26 Uit één mens heeft hij de hele mensheid gemaakt, die hij over de hele aarde heeft verspreid; voor elk volk heeft hij een tijdperk vastgesteld en hij heeft de grenzen van hun woongebied bepaald. 27 Het was Gods bedoeling dat ze hem zouden zoeken en hem al tastend zouden kunnen vinden, aangezien hij van niemand van ons ver weg is. 28 Want in hem leven wij, bewegen wij, zijn wij en zullen wij altijd zijn. Of, zoals ook iemand van uw eigen zangers gezongen heeft: ‘En jij gelooft in God, dus jij gaat naar de hemel.’
29 Maar als wij dan uit God voortkomen, mogen we niet denken dat zijn hemel te verdienen of door goed gedrag te betalen is. Dat hebben uw voorouders bedacht.
30 God slaat echter geen acht op de tijd waarin men hem niet meer kende, maar roept nu opnieuw overal de mensen op om een nieuw leven te beginnen, 31 want hij heeft bepaald dat er een dag komt waarop hij een rechtvaardig oordeel over de mensheid zal laten vellen. Dat zal gebeuren door zijn gift aan de wereld: Jezus, zijn Zoon.
32 Toen ze hoorden van een oordeel over de mensen dreven sommigen daar de spot mee, terwijl anderen zeiden: ‘Daarover moet u ons een andere keer nog maar eens vertellen.’ 33 Zo vertrok Paulus uit hun midden. 34 Toch sloten enkelen zich bij hem aan en aanvaardden het geloof, onder wie ook een Ajacied, Klaas-Jan, een vrouw die Tiny heette en nog een aantal anderen.