Archief van: ‘Genesis 3’

En dat is niet leuk. Ik ben verdorven.
Het is helemaal niet leuk om het daarover te hebben. Maar ik doe dat wel heel erg weinig. (Zal wel door de eenzijdige prediking uit mijn jeugd komen, vermoed ik.) Maar de vraag blijft: durf ik het nu nog wel onder ogen te zien?

Het is natuurlijk veel leuker om het over Jezus te hebben. En over bevrijding, verlossing, genade en liefde.
Ook is het veel leuker om een wat positiever mensbeeld te hebben. De mens is nog helemaal zo slecht nog niet; hij heeft alleen nog wat genade van God nodig (vergelijk de huidige, katholieke leer).

Als christen moet ik recht doen aan de bijbel. En recht doen aan de God van de bijbel. En dan komt het geregeld voor dat blijkt dat de mens, ik dus ook, in Gods ogen niet deug.

Jesaja staat er vol van. Hij kijkt om zich heen en vertelt in hoofdstuk 59 waartoe de mens in staat is. En dan komt hij op een gegeven moment tot de volgende conclusie:

Jesaja 59, 15b-16a
Maar de HEER zag het,
en het was slecht in zijn ogen
dat er geen recht meer was.
Hij zag dat er niemand was,
hij was geschokt dat niet één mens zijn zijde koos.

Niemand kiest de zijde van God. Paulus zegt later: “Er is niemand die goed doet, zelfs niet één.”

Nu zou ik kunnen zeggen: “Als ik in die tijd had geleefd, had ik wel anders gedaan.” Iets wat ik vroeger ook wel ’s dacht als het over Adam en Eva ging. “Ja, hallo, ík kan er toch niets aan doen dat deze twee mensen hebben gezondigd? Wat heb ik daarmee te maken?”

Als ik dat zeg, geef ik daarmee alleen maar te kennen dat ik precies als Adam en Eva ben. Vaak geven predikanten als antwoord op de vraag hoe het nu zit met de zonde in het paradijs en het gevolg voor mij daarvan: “Ja, jij zou in het paradijs precies hetzelfde hebben gedaan!”

Dat is niet scherp genoeg, omdat je daarvan geen bewijs hebt. Daarom komt zo’n antwoord ook niet aan.
Daarom is dit een beter antwoord: “Jij doet nú nog precies hetzelfde als zij!”

Want als ik zeg dat ik niets heb te maken met de zondeval van Adam en Eva, dan doe ik precies hetzelfde als zij. Eva kon er naar eigen zeggen niets aan doen, omdat de slang haar verleid had. Adam kon er naar eigen zeggen niets aan doen, want Eva had hem tot ongehoorzaamheid verleid. Adam geeft zelfs God de schuld: “De vrouw die ú gemaakt hebt!”

Zo kan ik ook zeggen: “Ja sorry hoor, het lag aan Adam en Eva (of aan God).”

Maar als ik wel eerlijk naar mijn leven kijk en dus ook recht doe aan mezelf, dan moet ik anders concluderen. Volgens mij ben ik een diep verdorven mensje.

Maar… er gloort licht in de donkere nacht. (En daar ga ik het graag een andere keer weer over hebben.)

[Met grote dank aan René Barkema, van wie ik voor het eerst in mijn leven een goede, invoelende en confronterende preek over Zondag 3 van de Heidelbergse Catechismus mocht beluisteren]

De preek van afgelopen zondagmorgen, 22 juni 2008, is hieronder te downloaden. Vragen en opmerkingen zijn welkom.

In mijn stage moest ik ook één keer tweemaal achter elkaar voorgaan. In Zeewolde en Nijkerk.

Vandaag ging ik én voor in Nieuwland én in Hoogland. Dat is pittig, maar als ik echt pauze neem tussen de diensten door is het goed te doen. 10.45 uur is in ieder geval leuker dan 8.45 uur, omdat er later op de morgen een fittere gemeente voor je neus zit.
En wat was het die tweede dienst soms stil; doodstil. Prachtig! Gods evangelie boeit mateloos.

Genesis 3, 8-13.pdf

Gods wet in het kader van zijn trouw is kun je ook downloaden.

Wet – betrouwbaarheid.pdf

Christenen van gereformeerde snit hebben het er vaak over. Misschien iets te vaak, maar goed.
Ook vandaag, toen ik aan het avondmaal mocht gaan. Jezus heeft altijd iets te maken met de zonde van de mens. Maar wat is zonde?

Ik ben in staat, denk ik, er hele verhandelingen over te schrijven en ook wel wat metaforen voor te bedenken. Maar nu even niet. Nu even simpel.

Vanmiddag dacht ik namelijk nog ’s aan Genesis 3, aan Adam. En ineens viel het me op dat Adam ervaart dat er iets niet in de haak is. Hij wéét dat hij iets heeft gedaan waar zijn God niet achter staat. Sterker nog, God heeft hem ervoor gewaarschuwd.

Maar hij erváárt plotseling ook dat hij gezondigd heeft. Hij ziet namelijk dat hij naakt is, en hij voelt dat hij zich hiervoor schaamt. Gevoelens die ik al normaal vindt, waren toen voor het eerst abnormaal.

Ik leef in een wereld waarin ik me elke dag kleed. We bedekken met z’n allen onze schaamte.
Ik kan het me niet voorstellen, maar dat is dus niet de bedoeling van God (geweest). Schaamte en ervaring van naaktheid, het is het gevolg van een desastreuze scheiding tussen God en mens. En ik ervaar het vaak als ik die scheidingsmuur tussen God en mij optrek.

Genesis 3, 8-10 Toen de mens en zijn vrouw God, de HEER, in de koelte van de avondwind door de tuin hoorden wandelen, verborgen zij zich voor hem tussen de bomen. Maar God, de HEER, riep de mens: ‘Waar ben je?’ Hij antwoordde: ‘Ik hoorde u in de tuin en werd bang omdat ik naakt ben; daarom verborg ik me.’

Wat is het dan trouwens geweldig dat God Adam en Eva kleedt. Hij gebruikt zijn schepping als kledingwinkel. Ik kan niet anders concluderen dan dat God zo laat zien dat hij onze schaamte aanvoelt. En daarin is hij nog verder gegaan. Zijn Zoon kwam zelf naakt op aarde (Kerst) en stierf (half)naakt aan een kruis (Goede Vrijdag).

Jezus ervoer de wereld-in-zonde zelf. Om vervolgens ook de uitkomst uit deze wereld en uitzicht op een nieuwe wereld te bieden.

Ruim een week geleden zat Arie Boomsma in De Wereld Draait Door zijn nieuwe programma 40 dagen zonder seks te promoten. En dat deed hij aardig, vond ik. Al mocht het van mij indringender, gedurfder.

Tegenover Arie zat de tafelgast van Matthijs van Nieuwkerk: Frank Lammers.
Toen Arie verbaal iets te dichtbij hem kwam zei Frank: “Ja, zo is het genoeg, je hoeft me niet te bekeren, hoor”.

Er bestaat, denk ik, vaak een soort angst bij mensen als het christelijk evangelie op hen afkomt. Ik denk dat veel Nederlanders bang zijn om in het contact met christenen ‘betutteld’ te worden of op hun kop te krijgen. Want, zo vermoed ik dat gedacht wordt, ze deugen volgens de christelijke maatstaf natuurlijk voor geen meter.

In de wereldgeschiedenis (Genesis 3) gebeurt dit ook al snel. Als de eerste mensen gezondigd hebben, komt God hen opzoeken. En wat gebeurt er? De mens is bang. Om op z’n lazer te krijgen. Om ontmaskerd te worden. Want hij schaamde zich opeens voor z’n naaktheid. Een gevoel dat hij totdantoe niet kende. En dan komt die te goede God op hem af. Wegwezen, héél snel!

Maar wat Adam (en Eva natuurlijk niet te vergeten) en veel andere mensen vergeten is dat die te goede God wel kómt. Hij zoekt op. Hij houdt de relatie maar wat graag in stand.
Natuurlijk roept hij de mensen ter verantwoording (dat is al zending: “Mens, waar ben je?”!), maar wat moet de schepper die van zijn mensen houdt anders?

God zoekt de vertwijfelde mens al van het begin op. En zijn Zoon Jezus is er het levende bewijs van. Het is de boodschap van Kerst in januari. “Mens, ik ben er voor je. Waar ben je? Vertel het me en ik bevrijd je van je schaamte en van je angst voor mij.”

Als het evangelie van God je wordt verkondigd moet je weten dat de goede God op je af komt. De goede God, die – ondanks jou – met je leven wil. Waarom zou je je nog verstoppen?

Genesis 3, 8-10 Toen de mens en zijn vrouw God, de HEER, in de koelte van de avondwind door de tuin hoorden wandelen, verborgen zij zich voor hem tussen de bomen. Maar God, de HEER, riep de mens: ‘Waar ben je?’ Hij antwoordde: ‘Ik hoorde u in de tuin en werd bang omdat ik naakt ben; daarom verborg ik me.’

Adam en Eva kozen voor zichzelf.
Dat neemt God hen kwalijk.
Hij vervloekt de man en de vrouw.
Eerst de vrouw, want die gaan voor.

Genesis 3, 16:
Tegen de vrouw zei hij:
‘Je zwangerschap maak ik tot een zware last,
zwoegen zul je als je baart.
Je zult je man begeren,
en hij zal over je heersen.’

Toen we dit tijdens de laatste catechisatieles lazen, kwam het vrouwelijk deel massaal in opstand. Enkele van hun reacties op een rij:

1. “Dus God wil dat de man over de vrouw heerst. Wat stom!”
2. “Als vrouw kom je in de bijbel altijd op de tweede plek. Vanaf het allereerste begin; leuke God…”
3. “Deze tekst kan lekker gemakkelijk door mannen misbruikt worden.” (En de jongens natuurlijk lachen en in de handen wrijven.)
4. “Mannen komen er in de bijbel altijd al beter van af dan vrouwen.”

Ik hoorde het aan, en lachte natuurlijk mee. Ik zag de meiden zichtbaar balen. En het zelfvertrouwen van de mannen groeien.

Lees meer »